Zoals beloofd een update i.v.m. de post “Kinderen en kelders“. Ik heb de Heemkundige Kring Sint-Hubertus van Tervuren gecontacteerd, met de vraag of de ruïnes van het kapucijnenklooster in het Zoniënwoud enige archeologische waarde hebben. Ik kreeg het volgende (zeer plausibele) antwoord:
-
Het betreft hier een bedelmonnikenorde, en de vraag is of er nog veel (waardevolle) voorwerpen te vinden zijn, daar deze orde spartaans leefde.
-
Een opgraving behelst dat er meerdere bomen gerooid dienen te worden, en dat is – terecht – geen optie.
-
Wanneer de site opengelegd wordt, bestaat de kans dat de overblijfselen zwaar te lijden krijgen van de atmosferische omstandigheden (en ook vervuiling). De opgraving van het Hertogelijk Kasteel in het park van Tervuren heeft hier reeds veel last van.
-
Rest er nog de vraag hoe de bescherming/bewaking van de site gaat geschieden na een eventuele opgraving (vandalisme, té “nieuwsgierige” blikken, etc…).
-
De site blijkt goed gedocumenteerd via gravures en geschriften uit de tijd toen de abdij nog bestond.
Een aantal goede redenen om de spade niet in de grond te steken!





