Feeds:
Berichten
Reacties

Niet aan te raden met een zwak hart, doch geweldig spectaculair!

Juliana Airport, Sint Maarten (bijna natte voeten)

Saba “airport” (landingsbaan van 400m!)

Courchevel altiport (bergop landen en een schanssprong om op te stijgen)

Lukla, Nepal (nog een streep straffer dan Courchevel)

St Barthélemy, Franse Antillen (brrrrr…)

Paro, Bhutan (goed kijken op 2:05, de luchthaven ligt om het hoekje)

En uit vervlogen tijden: Kai-Tak, Hong Kong (let op de zijwind!)

Dit vind ik ongelofelijk knap gedaan. Niet de artieste links op de foto, wel de trompe-l’oeil die ze geschilderd heeft.  Je zou voor minder je Skoda willen verstoppen!

car460_1395623c

Het loopt los!

Lente!  At last!  Of ‘t is toch al een tijdje bezig naar het schijnt.  Een prima moment om één van mijn goeie voornemens waar te maken.  Daar ik de trofee van meest tamme zak tot familiebezit aan het maken was, heb ik besloten om weer te gaan lopen.  Niet eenmalig, maar deze keer proberen vol te houden.

Nochtans, de laatste jaren heb ik een aantal keren gedurende maanden gejogd, tot een of ander voorval me weer in de zetel tussen mijn boeken deed belanden (of aan de toog en dan zonder boeken)  Ik had het namelijk nooit zo begrepen op sport, want je wordt er flink moe van.  Aan mijn genetisch materiaal kan het al niet liggen: vader en broer waren wel sportief, en tot mijn grote verbazing bleek ik er ook op gebouwd.  Het heeft dus eventjes geduurd alvorens ik de geneugten van sport ontdekte, doch met (grote) tussenpozen.  De laatste keer ben ik aldus gestopt toen ik te druk bezig was met het kopen en renoveren van mijn huidige stekje.  Tijd voor een nieuwe start dus!

Het park van mijn nieuwe stede heb ik nog niet uitgeprobeerd, en voorlopig hou ik het nog even bij het vertrouwde rondje in het nog vertrouwdere Zoniënwoud.  Lopen dus, en het deed deugd, maar bovenstaande regels zijn eigenlijk allemaal ballast, want ik wou gewoonweg even een ergernis neerpoten in verband met het lopen.  En ergernissen neerschrijven; daar dienen blogs toch voor?  Deze ergernis gaat dan over diegenen die hun hond uitlaten in het Woud.  Dat zulke beesten best aan de leiband worden gehouden.  Sommigen zijn prima opgevoed, en staren je braafjes aan wanneer je voorbij komt gerend.  Andere vlooienbalen houden zich klaar om net op het laatste moment tussen je benen te springen.

“Mais faites attention monsieur!”    Aha, ‘t is nog mijn fout ook.  Dat mevrouw de Brusselse bourgeoistrut haar Dalmatien dan maar uitlaat in het “Bois de la Cambre”  Ik had graag mijn Reeboks op het klokkenspel van dat lompe beest uitgetest, maar omdat ik een dierenvriend ben (en de hond er in feite niet aan kan doen) had ik dat beter met het baasje gedaan.  Maar ook in dat soort plezantigheden had ik vandaag geen zin.

“Il faut tenir le chien en laisse madamme!  Sinon je lui casse les coui****!”  Dat deed weeral deugd.  Het lopen ook.  En indien het een kleerkast van een vent was geweest had ik braaf mijn b*kkes gehouden :-)

“Nonkel, als de paasklokken naar hier vliegen, is dat niet gevaarlijk met al die vliegtuigen en hangen die niet in de weg?” vraagt mijn bijna 5 jarige neefje.

“Euh, awel, euh…” Snel probeer ik een en ander uit mijn duim te zuigen; belangrijkste is dat hij nog zo lang mogelijk zijn geloof in de paasklokken behoudt.

“Neen, dat is geen probleem,” zeg ik, “De paasklokken vliegen allemaal boven Flightlevel 400 en dat is dus heel erg hoog en boven de gewone vliegtuigen.”

“En hoe kunnen die zo hoog geraken dan?” vraagt mijn neefje.

“Omdat die allemaal een speciale atoommotor hebben, tiens”

“En zit daar dan iemand in om die te besturen?” vraagt hij verder.

“Euh… awel, die worden vanop afstand bestuurd.”

“En waar doen ze dat dan nonkel?”

“Ah, euhm, hebt ge die antennes gezien die soms op de kerktorens staan? Dat dient voor de zenders om de klokken op afstand te besturen. En dat gebeurt allemaal door paterkes die met een joystick voor een tv-scherm zitten. Die hebben allemaal een speciaal paasklokken-vliegbrevet.”

“En hoe weet gij dat allemaal Nonkel? Mijn papa heeft mij dat nog nooit verteld.”

“Omdat uw papa dokter is en ik met de vliegtuigen werk hé? Ik heb deze week nog mee geholpen de vluchtplannen van de klokken op te stellen. Dat doen ze bij ons op de controletoren, en ik mag dat omdat ik vroeger misdienaar ben geweest. Maar de meeste mensen weten dat niet. Alleen wij mogen dat weten omdat wij ook met de vliegers werken” (dat laatste was er eigenlijk over vind ik)

“Ah, dan is’t goed,” antwoordt hij met een beetje een scheve blik.  En hij speelt rustig verder met zijn Legoblokjes.

Ik sta soms zelf verbaasd van mijn instant-duimzuigerij. Alles voor de kleine mannen hé, maar toch even de papa inlichten.

Wat schrijft een mens zoal op zijn blog? Faits-divers allerhande, weetjes en andere aha-erlebnissen die op ’t internet gevonden worden, maar vooral dagdagelijkse beslommeringen en reflecties. Of zo hoort het toch. Het ene al wat vrolijker dan het andere, maar in beide gevallen het soort van informatie die geen hond interesseert. En dat zal uiteraard ook voor mijn blog gelden. Kwaliteit boven kwantiteit zeg ik steevast, en daarom ook dat ik slechts begin te schrijven wanneer het de moeite is, of wanneer ik - in een of andere staat van delirium – meen dat het de moeite zal zijn. Om mijn medemensen mee te delen dat ik mijn trommelvies doorboord heb (eat your heart out piercers!) Om te lachen met mijn gewezen huurder. Om een cartoon te posten. Of om te zeggen dat reizen voor vrouwen en homo’s is. Dat laatste was dan weeral een citaat van Herman Brusselmans, en laat het nu toevallig zijn dat ik net “Een dag in Gent” heb uitgelezen. Een puik boek en een interessant experiment van hogervernoemde schrijver, waarin hij gewoon een dag uit zijn leven beschrijft, en hij logischerwijze een aantal absurde situaties beleeft. Misschien moet ik dat ook eens proberen, dacht ik bij mezelf. U kan dus nu gerust snel wegklikken en vergeten dat u ooit op dit blogartikel bent terechtgekomen. Wie weet valt het wel serieus tegen, en zelf weet ik nu nog niet waar ik ga uitkomen. En neen, het zullen geen 197 pagina’s zijn, noch een poging om “Ulysses” te evenaren. Zelf heb ik dat laatste boek nooit gelezen, omdat het door wufte “interloctuelen” de lucht ingeprezen wordt, terwijl ze het hoogstwaarschijnlijk zelf niet eens uitgelezen hebben. Zeg nu zelf: wie interesseert zich in godesnaam aan 1000 pagina’s tekst over een of andere Dublinse schlemiel, geschreven door een neuroot die meer tijd doorbracht in Zwitserland dan ik zelve in Dublin. En ik ben er dan nog nooit geweest ook. Ik vond het dus meteen een kutboek, toen ik het even vluchtig in handen had. Maar daar ging het dus niet over. Ik ging mijn dag beschrijven, en weet nog niet of de gebeurtenissen chronologisch correct gaan zijn. Misschien maak ik er wel een leuk potje van. U kan dus nog steeds wegklikken. En ik heb nog steeds niets beters te doen vandaag, dus hieronder volgt de eerste zin mijner (echt gebeurde) beschrijving van een lukraak gekozen dag. Lees verder »

Michael O’Leary zou niet durven zeker?

card

Neen, geen uitspraak van de Man van Zoniën, maar wel van Herman Brusselmans.  Toevallig een mijner favoriete schrijvers en nooit verlegen om een controversiële uitspraak.  Ik hou daar wel van, dat tegen heilige huisjes aantrappen, en vooral van het feit dat er velen zich hierdoor laten opjagen. ’s Mans attitude van vierkant zijn goesting te doen: ik vind het geweldig! :-)   Je kan moeilijk stellen dat hij zich laat meedrijven met de kudde en nét dat is mijn modus vivendi.  Uiteraard verschil ik wel van mening; ik vind reizen immers wel interessant, al was het maar dat de verandering van lucht en indrukken een positieve invloed nalaat op mijn rusteloze gestel.  Het zal  – volgens Brusselmans – wel mijn vrouwelijk kantje zijn.  Volgende uitspraak vond ik helemaal hilarisch: Ze bekijken u tegenwoordig als een halve idioot als je niet op reis gaat. Het lijkt alsof je iets mankeert. Ze vinden je bekrompen. Waarom ga jij niet op reis? Andere culturen opsnuiven?, proberen ze mij soms te overhalen. Ik moet geen andere culturen opsnuiven, ik hou van de westerse kapitalistische cultuur, antwoord ik dan.”  Herman: he did it again! :-)

Een ferm zicht!

Het is zover: de “Skywalk” staat eindelijk op de Sint-Romboutstoren.  Het gaat hier over een “glazen” (ik vermoed plexi) constructie, die niet vanop de grond te zien is, en een fenomenaal zicht over de stad en omliggende parochies zal bieden.    De Antwerpse Kathedraal aan de ene kant, en ‘t Atomium aan de andere kant.  Ik ga binnenkort eens kijken of dat waar is, alhoewel er nu reeds gereserveerd moet worden.  Wat ik nog niet wist – ik ben nog maar pas aangespoeld – dat die heropening van de Sint-Romboutstoren kadert in het festival “Stadsvisioenen“.  Een heleboel festiviteiten die er de komende maanden zitten aan te komen.  Ik zal het allemaal van kortbij gaan bekijken!

skywalk-geinstalleerd-op-sint-romboutstoren_5_460x0

Jenny Tanghe is overleden.  Weeral een grote actrice die ons verlaat.  Requiescat in pace.

permentier2

Van stommiteiten gesproken. Weliswaar van die stommiteiten waar je zelf niks aan kan doen. Wat een loom dagje in mijn dorp ging worden is toch eventjes anders gelopen. Had ik vandaag een “jeukje” aan mijn oor en loop ik effe naar de badkamer om een oorstaafje. Sta ik voor de spiegel, en terwijl ik dat oorstaafje gebruik, slaag ik er in om op onverklaarbare wijze uit te glijden op een dweil die toevallig onder de wastafel lag. In een fractie van een seconde vloog ik met elleboog – en oorstaafje in het oor – tegen de muur, en ramde dat ding dus half in mijn buis van Eustachius. Wat een sensatie! (sarcasme-modus). Ook de pijn was vernieuwend moet ik zeggen! Onmiddellijk had ik door dat ik zowat de helft van mijn linkergehoor kwijt was, en tevens een flink gebrom en oorsuizen aan desbetreffende kant. Damn! Niet goed, niet goed! Gelukkig kon ik zowat onmiddellijk naar de huisdokter die me op lakonieke wijze vertelde dat ik nét in het midden had gemikt, en zowat 1/3 van mijn trommelvlies had doorboord. Hij kon, naar eigen zeggen, ongegeneerd in mijn binnenste oor kijken. Gelukkig was er niemand thuis. Diezelfde dokter heeft me vervolgens naar zijn dochter gestuurd – NKO-arts in dezelfde gemeente – die uiteraard ook iets aan me moet kunnen verdienen. Het zag er niet fraai uit, maar de behandeling verbaasde me des te meer. Over het geperforeerde trommelvlies bracht ze een stukje sigarettenpapier aan (van Rizzla, jawel!), dat ervoor moet zorgen dat de boel binnen een paar weken terug mooi dichtgegroeid is. Had ik dat geweten, kon ik evengoed aan mijn cafébaas vragen om de reparatie uit te voeren, maar dit geheel terzijde. Het voelt absoluut niet lekker aan beste lezers, maar het komt dus in orde. Ik voel het nu al groeien. Grrrr…

Oudere Berichten »